Den Haag, 7 mei 2026 – Tweede Kamerlid Doğukan Ergin (DENK) heeft met zijn Twitter-bericht over een veertien jaar oude satirische tweet van Annabel Nanninga (JA21) volgens critici geen enkel respect getoond voor de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. In plaats van een inhoudelijke discussie aan te gaan over de invulling van de Nationale Dodenherdenking, kiest Ergin ervoor een oude provocerende grap uit Nanninga’s GeenStijl-periode uit 2012 erbij te slepen.
In die tijd werkte Nanninga bij het satirische weblog GeenStijl, bekend om zijn zwartgallige en vaak bewust ongepaste humor. Haar opmerking op 4 mei 2012 (“Wat zijn jullie stil. is er iemand dood ofzo?”) was een typische shocktweets in die stijl – bedoeld als provocatie, geen ontkenning of bagatellisering van de miljoenen slachtoffers. Dat wisten Ergin en zijn medestanders dondersgoed, zo stellen ingewijden.
“Dit gaat niet over respect voor de gevallenen,” zegt een bron binnen JA21. “Dit is puur een poging om Annabel zwart te maken omdat ze pleit voor twee dagen per jaar waarin het primair over Nederlandse slachtoffers, de gevallenen voor onze vrijheid en de Joodse slachtoffers van de Shoah mag gaan, zonder dat er direct hedendaagse politieke agenda’s bijgesleept worden. Door een oude satire-tweet te misbruiken, relativeert Ergin juist het belang van die specifieke herdenking.”
Critici wijzen erop dat Ergin en DENK met dit soort acties bewust polariseren. DENK, dat door sommigen in verband wordt gebracht met invloeden uit de Moslimbroederschap-netwerken en radicale linkse identiteitspolitiek, lijkt herdenkingen steeds vaker te willen gebruiken als platform voor bredere, actuele politieke statements. Door Nanninga’s satire bewust verkeerd te framen, wordt de discussie niet over respect voor slachtoffers gevoerd, maar over identiteit en slachtofferschap-hiërarchie.
“Ze weten dondersgoed dat het satire was,” aldus een commentator. “Dit is geen verdediging van WOII-slachtoffers, maar een klassieke verdeel-en-heers-tactiek. Terwijl Nederland juist op 4 en 5 mei zou moeten stilstaan bij de gruwelen van de bezetting en de Holocaust, maken partijen als DENK en hun radicale bondgenoten er een strijd om hedendaags activisme van.”
Ergin zelf reageerde niet direct op verzoeken om commentaar. Zijn bericht leidde tot felle reacties, waarbij veel Nederlanders het oprakelen van een 14 jaar oude GeenStijl-grap als goedkoop en respectloos bestempelen tegenover de miljoenen doden die in de Tweede Wereldoorlog vielen.
Of dit incident leidt tot verdere escalatie in de toch al gespannen discussie over de toekomst van de Nederlandse herdenkingscultuur, moet nog blijken.